Bestemd voor Pre-Mioceense Zondvloed (PMZ) creationisten.

Als op de Nieuwe Aarde de paradijselijke omstandigheden zullen worden herhaald, van vóór de zondeval. En er op Nieuwe Aarde ziekte, en uiteindelijk de dood zal zijn (Opb.22:2 – Jes.65:17+20). Dan houdt dit in dat vóór de zondeval Adam en Eva konden sterven, indien ze niet van de Boom des Levens aten. Deze boom was niet bestemd voor dieren, die daarom wel konden sterven.

Vanaf den beginne (Gen.1:1), was de duivel al een mensenmoordenaar (Joh.8:44). Desondanks noemde God op de zesde dag, zijn schepping zeer goed, waarvan de duivel deel uit maakte. Vóór de zondeval was het kwaad dus al door God geschapen (Jes.45:7/sv). Dit in de vorm van de slang (Gen.3:1..5/nbv), dat is de duivel en de satan (Opb.20:1).

Dieren kennen geen strafwetgeving en kunnen daarom niet zondigen (Pred.3:21). Overeenkomstig de wetgeving van de onveranderlijke God (Jak.1:17). Mogen dieren niet lichamelijk en/of geestelijk mishandeld worden (1.Kor.9:9). Daarom mogen deze onschuldige dieren niet vanwege de door Adam en Eva begane zonde, ‘doodgemarteld’ worden.

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat roofdieren noodzakelijk zijn, om een meer gevarieerde, dus een meer paradijselijke natuur in stand te houden.

Ps.104:21/hsv; ‘De jonge leeuwen brullen om een prooi en verlangen van God hun voedsel”. Daar leeuwen geen Godsbesef hebben, is dit een symbolische waarheid. Daar de onveranderlijke God (Jak.1:17), zelf niet met de zondeval is meegesleept. Was dit gedrag van God vóór de zondeval, ook normaal.

Vóór de zondeval bestond er al geen volmaaktheid. Daar Adam een rib miste, waaruit Eva was opgebouwd (Gen.2:22).

Grote dieren kunnen nu per ongeluk een insect doodmaken, vóór de zondeval zal dat niet anders zijn geweest. Gods gebod aan Adam en Eva om niet van de verboden vrucht te eten (Gen.3:3). Was alleen maar liefdevol als zij uit ervaring wisten, wat de dood inhield.

Het is niet uitgesloten dat in Gen.1:24..25, met wilde dieren vleeseters werden bedoeld. En dat met het vee, de planteneters werden bedoeld.

Gen.3:17-18; “De aardbodem is omwille van u vervloekt .. dorens en distels zal hij voor u laten opkomen”. Het is verboden om iets aan de Bijbel toe te voegen (Opb.22:18..19). De dieren zijn niet vervloekt, en zullen in principe geen ander leven krijgen, planten-eters zullen planten-eters blijven.

Kunnen spinnen vanaf de schepping tot aan de zondvloed. Zich in 1656 jaar van vredelievende planteneters, tot zeer giftige spinnen ontwikkelen? Of in dezelfde tijd hun supersterke en plakkerige spinzijde ontwikkelen. Om daarmee prooidieren te vangen en deze te injecteren met verteringssappen, waarna ze deze leegzuigen. Dit lijkt op extreem snelle evolutie, in een onmogelijk korte tijd.

Als de evolutie van ongevaarlijk dier tot gevaarlijk dier, geen 16,56 miljoen jaar vergt maar slechts 1656 jaar. Dan zou de door PMZ*-creationisten, goedgekeurde evolutie, vanaf schepping tot de zondvloed. Tienduizend maal sneller geschieden, dan wat de evolutionisten voor mogelijk houden. Voorbeelden hiertoe zijn de Ankylosaurus en de Bombardeerkever. Bijbels gezien zwelgen de PMZ-creationisten, hiermee een evolutionaire kameel door. En willen ze een evolutionaire mug, bij evolutionisten uitziften.

Jezus werd pas volmaakt genoeg geacht, om het geloof te verkondigen. Nadat Hij de Heilige Geest had gekregen (Mat.3:16). Het hoogtepunt van de schepping was niet de creatie van Adams lichamelijke tent (2.Kor.5:1). Maar was het inblazen van de levendmakende Heilige Geest, in Adam (Gen.2:7). Het draait in de Bijbel niet om de lichamelijke dood, maar om de geestelijke dood (Mat.10:28). De zondeval hield in dat Adam en Eva zondigden tot de dood (1.Joh.5:16), op het niveau van de zonde tegen de Heilige Geest.

==

Vóór de zondeval aan het begin van het Krijt, bestonden er alleen maar primitieve dieren, zonder een pijn-bewustzijn.

Toelichting;

Een elektromechanische robot bestaat uit hardware en software. Ook als ze een zelfbeschermings-mechanisme hebben, ervaren ze geen pijn. Hetzelfde geldt voor (de nog niet ontwikkelde) biomechanische = biologische robot. De mens bestaat uit lichaam, ziel en geest (1.Thes.5:23), zijnde hardware, software en operator. Het bewustzijn is de verstandelijke bestuurder van de mens. Die een bewuste keuze kan maken, om bijvoorbeeld pijn te kunnen ontlopen. Als men bewustzijn definieert, als het zichzelf herkennen in een spiegel. Dan zijn er maar enkele dieren met een bewustzijn, dus met een pijn-bewustzijn. Van voor de leeftijd van 2 jaar oud heeft de mens geen bewuste herinneringen, en daarmee geen bewustzijn, en/of bewuste pijn-herinneringen.

==

Namaak-evolutie is moeilijker te creëren, dan een gewone schepping. God wordt op basis van de hierna vermeldde teksten, Ex.10:1 en Rom.1:20, meer geëerd dan met namaak-evolutie.

Ex.10:1; “Daarna zei Jahowah tegen Mozes: Ga naar de farao toe, want Ik heb zijn hart en het hart van zijn dienaren onvermurwbaar gemaakt, zodat Ik deze tekenen van Mij in zijn midden kan verrichten”.

Rom.1:20; “Want de dingen van Hem die onzichtbaar zijn, worden sinds de schepping van de wereld uit Zijn werken gekend en doorzien, namelijk én Zijn eeuwige kracht én Zijn Goddelijkheid, zodat zij niet te verontschuldigen zijn”.

*) PMZ = Pre-Mioceense Zondvloed

2: Samenvatting Neo-creationisme

Pag. 2:

Bestemd voor orthodoxe creationisten en theïstische evolutionisten.

Alle verschillen tussen theïstische evolutionisten, en de orthodoxe creationisten. Kunnen probleemloos worden opgelost, indien men Gods Woord op de volgende vijf punten serieus neemt.

– God en/of zijn Woord zijn niet wanordelijk (1.Kor.14:33/sv).

– God en/of zijn Woord zijn Logica (Joh.1:1 grondtekst).

– Gods Woord botst niet met de moderne wetenschap (Jes.40:8 – Deut.29:29).

– God heeft de ‘bijbelschrijvers’ als een ‘schrijfmachine’ gebruikt (2.Tim.3:16 grondtekst).

– Gods wegen zijn onnaspeurlijk (Jes.55:9 – Rom.11:33), zonder hulp van zijn Geest (Joh.16:13).

.

Van de voorgaande wereldperioden valt niets meer na te speuren (Pred.1:9..11/grondtekst!). Vanwege dit onnaspeurlijke verleden, valt Gods leeftijd niet meer voor ons na te speuren (Job 36:26/hsv). De eerste scheppingsdaad die God verrichtte, staat niet in Gen.1:1. Maar in Opb.3:14, daar Hij als eerste zijn Zoon schiep. Daarvóór bestond er dus geen God de Vader, als het Hoofd van de Drieëenheid. God sprak en het stond er (Ps.33:9/hsv). Voordat Gods Zoon bestond, kon God dus al tegen iemand of iets buiten zichzelf te spreken (Ps.33:9/hsv). Voordat God zijn Zoon schiep, bestond er al een intelligentie waar tegen Hij kon spreken. De ondoorgrondelijke God (Job 9:10), heeft op ondoorgrondelijke wijze (Pred.11:5), twee scheppingsperioden na elkaar uitgevoerd (vgl Job 5:9). Eerst schiep Hij eerst in zes dagen van 24 uur, zijn uitvalsbasis de ‘Hemelen en de Aarde’ (Gen.1:1 – Ex.20:11). Waarvan de Aarde rechthoekig is (Opb.20:8..9/hsv – Jes.40:28), een holle ruimte vormt (Jes.44:24/nbv – Jes.42:5/nbv), en onwankelbaar op pijlers is vastgezet (Ps.104:5/nbv – 1.Sam.2:8/nbv).

De tegenwoordige ‘Hemelen en Aarde’ zijn nu als een schat voor de mensheid verborgen (2.Petr.3:7/hsv). De schepping van de Aarde vond niet plaats in de Gen.1:3..31 periode. Het is verboden om de Aarde als ‘missing link’, in de laatst genoemde tekst op te nemen (vgl Opb.22:18..19). Daar men dan Beëlzebul (Luc.11:18), de Vader der Leugenaars, met leugens gaat bestrijden (Joh.8:43..44). Het gebouw de Aarde werd ‘gegrondvest’ en/of ‘stevig bevestigd aan de grond’ (Ps.82:5 grondtekst). Terwijl de aardbol werd opgehangen aan het niets (Job 26:7), zijnde de zwaartekracht.

.

De tweede scheppingsperiode, die van Gen.1:3..31, werd uitgevoerd door de Alpha en Omega (Opb.22:13). Waarbij zes Omega-dagen van 24 uur, samenvielen met zes Alpha-perioden van 500 zonnejaren (vgl 2.Petr.3:8). De Omega-dagen waren onderverdeeld in 20 scheppingstijden van 72 minuten, waarin God sprak en het was er (Ps.33:9). Welke 20 Omega-perioden van 72 minuten, samenvielen met 20 Alpha-perioden van 25 zonnejaren. Op scheppingsdag 3, 4 en 5 werd het grootste deel van de flora en fauna geschapen. Aan het einde van het geologische tijdperk het Jura, werden de bloemplanten geschapen. Om een paradijselijke omgeving te creëeren voor Adam en Eva, aan het begin van het geologische tijdperk het Krijt.

Zeven dagen voor het begin van de Zondvloed (vgl Gen.7:10), begon de Midden-Mioceense trangressie. Waarbij God de aardkorst in het Efraïmitische Noorderland deed zinken, het land waar Gods Alpha-Geest zich bevindt (Jer.31:9 – Zach.6:8 – Mat.21:43). In het Laat-Mioceen kwam het water 15 el (7,5 m) te staan, boven Gods koperen bergen (Zach.6:1). Deze kunstmatigebergen bevinden zich in het bergland, en dragen de namen van Mesa en Sefar (Gen.10:29). Welke nu als een caisson zijn afgezonken (vgl Klaagl.2:9/sv – Ps.24:7/nbv).

De aardlagen weerspiegelen 50% namaak-evolutie en 50% anti-evolutie (vgl Jes.55:9 ism Joh.16:13 – 1.Thes.5:21 en evt. Hand.17:23 – Rom.11:33 – Pred.11:5). Machten der Duisternis (Ef.6:12), hebben evolutionisten mogen foppen. Daar zij radiometrische ouderdomsdateringen hebben vervalst. Met behulp van legioenen aan onzichtbaar kleine nano-robotjes (vgl Marc.5:10..15 – Ex.7:11..12 – Num.22:22..34 – 2.Kon.6:17).

Genesis is niet zozeer verhalend, als wel historisch documenterend door het gebruik van de ”waw-consecutivum”, de verhalende Hebreeuwse werkwoordsvorm. Alsof de schrijver wil zeggen: „En toen… en toen… en toen.” Dat duidt op geschiedenis. Daarnaast ontbreekt in Genesis het ”parallelismus membrorum” (de parallelle versregels), hét stijlkenmerk van Hebreeuwse poëzie. De tekst stuurt ons dus veel meer in de richting van geschiedenis (drs. J. J. Grandia, RD 14.7.17).

3: De periode vóór de zondeval.

Pag. 3

– Ps.33:9/hsv; “Want Hij spreekt en het is er, Hij gebiedt en het staat er”. God begon zijn schepping met het spreken tegen iemand en/of iets, die uiteraard zijn taal verstond. Gods spreekorgaan en zijn daarbijbehorende taal geven aan dat Hij vanaf den beginne (Gen.1:1), niet alleen was. Gods Geest sprak dus niet tegen zichzelf, maar sprak tegen iemand of iets buiten Hemzelf. Hij schiep daarmee als eerste zijn Zoon (Opb.3:14). De eerste conversatie die God de Vader voerde, was zodoende niet met zijn Zoon (In den beginne bestond er daarmee geen Drie-eenheid, maar alleen een meer eenzame Twee-eenheid).

– Er staat nergens in Genesis 1:3..31, dat God de aarde in deze zes dagen heeft geschapen. En overeenkomstig Openbaring 22:18..19, mag men de schepping van de aarde daar niet aan toevoegen. Genesis 1:1 is geen korte samenvatting van Genesis 1:3..31. Daar God Logica is (Joh.1:1 grondtekst), en God geen God is van wanorde (1.Kor.14:33/hsv). Zou het volstrekt tegenstrijdig zijn met Gods natuur, dat Hij het belangrijkste deel van de schepping uit de zes scheppingsdagen (Gen.1:3..31), zou hebben weglaten. En dit te verhuizen naar een plek, waar scheppingsdag ‘nul’ zou hebben kunnen staan. De eerste verzen van de Bijbel zijn Gods visitekaartje, en dienen daarom niet wanordelijk over te komen.

– 2.Petr.3:7/hsv; ” Maar de hemelen die er nu zijn, en de aarde, zijn door hetzelfde Woord als een schat weggelegd en worden voor het vuur bewaard tot de dag van het oordeel en van het verderf van de goddeloze mensen”. De astronomische hemel en de aardbol zijn voor ons niet als een schat verstopt, daar we er dagelijks gebruik van maken. De genoemde hemelen en aarde zijn daartoe nu veilig opgeborgen, om te ontsnappen aan het vuur van de eindtijd. Op de dag van het oordeel, zijn ze weer als een schat te voorschijn zijn gehaald.

– De aarde is opgehangen aan het niets van de zwaartekracht (Job 26:7/hsv). Deze aarde is dus niet ‘gegrondvest’, daar dit woord in de grondtekst de betekenis heeft van ‘met kracht op de grond neerwerpen’. Voor God die Logica is (Joh.1:1 grondtekst), en geen God is van verwarring (1.Kor.14:33/sv). Heeft een bal of bol uiteraard geen fysieke hoeken, onze aardbol heeft daarmee ook geen fysieke hoeken. Er bestaat daarom nog een tweede ‘aarde’, die wel vier fysieke hoeken heeft (Opb.20:8..9/hsv). Deze tweede aarde werd fysiek ‘uitgehamerd’ (Jes.42:5/nbv – Jes.44:24/nbv), tot een holle ruimte. En bevat meerdere fundamenten (Job 38:4 grondtekst), en werd op onze aardbol gegrondvest (Job 38:4/hsv – Ps.102:26 – Ps.119:90 – Jes.45:18 – Ps.104:5 – 1.Sam.2:8 en evt. 1.Kron.16:30 – Ps.93:1).

– In de eerste scheppingsronde (Gen1:1), werd de rechthoekige aarde ‘geassembleerd’ (Hebr.: asah), tesamen met de hemel(en), in zes Alpha-dagen van 24 uur (Ex.20:11). In de tweede scheppingsronde (Gen.1:3..31), duurden de zes Omega ‘kunstlicht-aan / kunstlicht-uit’ dagen, door de Zon der Gerechtigheid (Mal.4:2/hsv), elk 500 jaar. Dit overeenkomstig de Perzische overlevering (vgl 2.Petr.3:8).

– De hemelen zijn opgetrokken uit een stevig metaal (Job 37:18 grondtekst). Het gewelf of koepel uit Gen.1:6 hsv/gnb, is overeenkomstig de grondtekst. Op exact dezelfde wijze (fysiek) ‘uitgehamerd’, als de aarde uit Jes.42:5/nbv & Jes.44:24/nbv. Kortom tussen de (geestelijke) wateren uit Gen.1:6, bevindt zich een bouwkundige constructie. In de onderste wateren bevindt zich het wettische, en daarmee stilstaande waterbad met het woord (vgl Ef.5:26/hsv). En in de bovenste wateren bevindt zich het levende water (vgl Joh.4:10), van de wettisch verplichte liefde (Jer.31:33 – Marc.12:28..31).

– In den beginne ‘assembleerde’ (Hebr.: asah) God de Hemelen en de Aarde (Ex.20:11 – Jes.65:17 grondt. – 2.Kor.12:2). Hiertoe behoorde het rechthoekige Hemelse Jeruzalem (Opb.21:2 + 16), dat werd samengevoegd met de rechthoekige Aarde (Opb.20:8..9/hsv), die hol is (Jes.42:5/nbv – Jes.44:24/nbv – Ps.136:6/hsv), en op ‘zeeën’ is gefundeerd. Waarin zich [de software van] het Levende Water bevindt (vgl Joh.4:10 – Ef.5:26/hsv). Waarmee zij op [digitale] ‘rivieren’ is gevestigd (vgl Ps.24:1..2/sv). Kortom het gebouw de Aarde is op [digitale] ‘wateren’ bevestigd (vgl Ps.136:6/wv). Haar [digitale] fundamenten (vgl Job 38:4/gnb), zijn afzinkbaar (Job 38:6/nab). De ‘Aarde’ is het middelste deel van de stad die dé twaalf zichtbare edelstenen [computercentra] fundamenten heeft (vgl Hebr.11:10) – Opb.21:19..20 – Opb.5:13/nbv).

– Ten tijde van Jona liet God een wonderboom groeien (Jona 4:6), en geen gewone boom. Op de 3e scheppingsdag heeft God het niet over een wonderfauna, maar is er sprake van een gewone fauna. God die Logica is (Joh.1:1 grondtekst), zal de meest eenvoudige manier hebben gebruikt, om de aarde te voorzien van fauna. En dat is door deze in te zaaien. De grondtekst van Gen.1:11..12 luidt niet voor niets: “En God zei: Laat de aarde jong groen uitspruiten, zaaddragend gewas, vruchtbomen, die naar hun soort vrucht dragen, waarin hun zaad is op de aarde! En het was zo. En de aarde bracht groen voort, zaaddragend gewas naar zijn soort en bomen die vrucht dragen waarin hun zaad is, naar hun soort. En God zag dat het goed was”. Er staat dus niet dat God beredeneerde dat het goed was. Maar er staat ten diepste dat Hij de fauna vanaf het zaaistadium doorlopend goed zag functioneren, onder het juiste ecologische evenwicht. Toen mensen in 1996 schapen begonnen te klonen, had men pas na 20 jaar alle biologische deelprocessen goedgekeurd. Sommige soorten bamboe kunnen zich pas na 150 jaar voortplanten. Of de volgende generatie zichzelf ook kon voortplanten, kon God pas na 300 jaar zien. De scheppingsperioden uit Genesis 1, lijken daarom elk minstens 300 jaar te hebben geduurd (vgl 2.Petr.3:8).

– Hebr.4: grondtekst; “Sinds de nederwerping (‘grondlegging’) der wereld; waren Gods werken al volbracht”. Dit moet een andere wereld zijn geweest, dan de wereld waartoe de scheppingsdag 3 t.m. 5 diende, waarop de flora en fauna werden geschapen. In de tijd dat Job werd geboren, was de weg bekend naar Woning van het Licht (Job 38:19+21). Die zich ten noorden van Israël bevindt (vgl Zach.6:8/nbg – Mat.21:43), in de stad Salem (vgl Gen.14:18). Gedurende 62 jaarweken was deze niet-Israëlische grachtenstad te zien (vgl Dan.9:25 – Ps.46:5/hsv). Hun boomvormige toegangskokers (vgl Dan.4:10/hsv – Jes.55:2 – Opb.6:13), hebben zich nu allen in de grond teruggetrokken (vgl Ps.24:7/nbv – Klaagl.2:9/sv).

//////

Daar elke groep die tegen zichzelf verdeeld is, niet zal standhouden (Mat.12:25). Mensen dienen dus op evolutionaire wijze omgevormd te worden, door de vernieuwing van hun denken (vgl Rom.12:2/nbg). Ze dienen in vuur gelouterd te worden, tot het minimum niveau van goud (vgl Mal.3:3). Dat zich op het zesde geloofsniveau bevindt (vgl 1.Kor.3:11..13). Pas als mensen een evolutionaire ontwikkeling hebben doorgemaakt. En daarmee tot de zevende hemelse kandelaar gemeente zijn gaan behoren (Opb.1:12..20, gesymboliseerd in Opb.2:1 tm 3:22). Welke God niet meer zal uitspugen (Opb.3:16).

– Machten der Duisternis (Ef.6:12), mogen met behulp van legioenen aan onzichtbaar kleine nano-robotjes (vgl Marc.5:10..15), de gedachten van mensen veranderen (vgl Marc.8:33 – Joh.13:27). Geplaatst in de online-verbinding tussen de menselijke zintuigen en diens hersenen. Kunnen ze de mens alles laten zien en horen, wat ze maar willen (vgl Ex.7:11..12 – Num.22:22..34 – 2.Kon.6:17). Daarnaast kunnen ze op elektronische wijze, radioactieve ouderdomsdateringen door wetenschappers, volledig vervalsen.

4: De goddelijke Drieëenheid bestond vroeger niet (e.a.)

Pag. 4:

Bestemd voor creationisten en theïstische evolutionisten.

– Jezus is het begin van de schepping Gods (Opb.3:14). Daarmee heeft de goddelijke Drieëenheid nooit altijd kunnen bestaan. Jezus spreekt met z’n hemelse Vader, juist omdat ze geen gezamelijke Geest hebben. Als de Vader en Zoon elk een aparte Geest hebben. Dan heeft de Drieëenheid minimaal twee Geesten. Dat lijkt totaal niet op de christelijke visie van drie personen, in één persoon. Het ‘Drie-in-één’ principe staat overigens niet in de Bijbel. En mag daarom niet aan de bijbelse waarheid worden toegevoegd (Opb.22:18..19).

– De mens woont in een lichamelijke tent (vgl 2.Kor.5:1 – Jak.2:26), en is daarmee in essentie een lichaamsloos of geestelijk wezen, dus geest. God is als het evenbeeld van de mens (vgl Gen.1:26..27/hsv), eveneens een lichaamsloos of geestelijk wezen, dus Geest. Die als Geest eveneens in een lichamelijke tent woont. Het Hebreeuwse woord voor ‘evenbeeld’ (tselem), laat zich vertalen als ‘een sprekende gelijkenis’. De Bijbel omschrijft dat God lichaamsdelen heeft, zoals een aangezicht, mond, rechterhand en voeten.

– Als de mens niet bovennatuurlijk is. Dan is God als het evenbeeld van de mens (vgl Gen.1:26..27), eveneens niet bovennatuurlijk. De Bijbel noemt God nergens bovennatuurlijk, en zinspeelt er zelfs niet op.

– Getalsmatige teksten mogen vanwege hun exacte aard, nooit symbolische hoeveelheden uitdrukken. Psalm 90:4 en 2.Petr.3:8 kunnen daarom het exacte verschil in tijdsbeleving uitdrukken. God bestaat uit de altijd wakkere Alpha en de meestal slapende Omega (Opb.1:8). 2.Petr.3:8 betekent daarmee zoiets als; Eén Omega dag is als duizend Alpha jaren, en duizend Alpha jaren is als één Omega dag.

– Mensen prijzen Gods naam aan van eeuwigheid, tot eeuwigheid (Dan.2:20). God is goed voor mensen van eeuwigheid, tot eeuwigheid (Ps.103:17). Zowel God als mensen kunnen daartoe als tijdgebonden wezens, op een exact dezelfde wijze van eeuwigheid tot eeuwigheid te leven.

– De woorden eeuwen, wereld en eeuwigheid, zijn voor verreweg de meeste bijbellezers drie totaal verschillende woorden. Terwijl ze allen de vertaling zijn van het zelfde Griekse woord ‘aiōnos’, of van het zelfde Hebreeuwse woord ‘olam’. De drie verschillende vertaalwijzen gekombineerd, levert de juiste betekenis op van wereldperiode. Helaas kozen de bijbelvertalers altijd voor één van de drie afwijkende deel-betekenissen, en nooit voor de complete-betekenis van wereldperiode. Daardoor is er informatie verdwenen door de vertalingen, hetgeen verboden is (Opb.22:18..19). De uitdrukking ‘door-elkaar-heen-werpend’ betekent in het Grieks ‘diabolisch’, en in het Nederlands ‘duivels’. Daarom hebben de bijbelvertalers de betekenis van de woorden ‘aiōnos’ en ‘olam’, op een duivelse manier verduisterd. Het eerder genoemde Hebreeuwse woord ‘olam’ stamt af van ‘alam’, hetgeen ‘verborgen zijn’ betekent. In Pred.1:9..11 wordt dit verbogen zijn uitgedrukt. Met de juiste vertaling zou er in Mat.13:39+40+49 tot drie maal toe hebben gestaan, dat God regeert van wereldperiode tot wereldperiode. Voor Ps.90:1..2 geldt hetzelfde; “De Here … is God van wereldperiode tot wereldperiode”. Na 13 wereldperioden geregeerd te hebben, leeft Yhwh gewoon door als mens (vgl Fil.2:5..7 – Gen.1:26..27), tot in alle wereldperioden (vgl Opb.4:10).

  • Jes.46:10/hsv+grondtekst luidt: “Is er iets waarvan men kan zeggen: Kijk eens, dat is nieuw? In de wereldperioden die voor ons geweest zijn, is het er al geweest”.
  • Hand.15:10/hsv+grondtekst luidt: “Is er iets waarvan men kan zeggen: Kijk eens, dat is nieuw? In de wereldperioden die voor ons geweest zijn, is het er al geweest”.
  • Pred.1:9..11/hsv+grondtekst luidt: “Wat er geweest is, dat zal er weer zijn. Wat er plaatsvindt, dat zal weer plaatsvinden. Er is niets nieuws onder de zon. Is er iets waarvan men kan zeggen: Kijk eens, dat is nieuw ? In de wereldperioden die voor ons geweest zijn, is het er al geweest. Er is geen herinnering aan de vroegere dingen. Ook aan latere dingen, die nog komen, zal geen herinnering zijn bij hen die daarna komen.”

– Jezus (Hebr. Jozua) heeft meerdere oorsprongen, dus geboortes gehad (Mich.5:1/hsv), met behulp van het rad der geboorte (Jac.3:6/nbg). In deze eerder levens, zoals Melchizedek (Hebr.7:3), heeft Hij de gehoorzaamheid aan God geleerd, door te lijden (Hebr.5:8). Om daarmee een ervaringsdeskundige te worden, door alle mogelijke problemen bij mensen zelf als hogepriester te hebben ondergaan (Hebr.4:15). Voordat Hij als hogepriester Jozua (Grieks; Yesous = Ned.; Jezus), door God werd goedgekeurd (Zach.3:1..9), in 700 v.Chr. Conclusie: Als Jezus van God een ervaringsdeskundige diende te worden. Dan diende zijn hemelse Vader ook een ervaringsdeskundige te zijn geweest, en dit daarvóór ook te zijn geworden.

NB; Het woord leven houdt per definitie een verandering in. Een verandering kan alleen maar optreden, indien er een tijdsverschil bestaat tussen het begin en het einde van de verandering. Een levend wezen heeft tijdsverschillen nodig om te kunnen leven. Als God buiten de tijd zou bestaan, en daarom geen tijdverschillen kan ondergaan, dan leeft Hij niet.

6: Bijbel en “evolutie” naadloos geharmoniëerd, deel E

Pag. 6:

Bestemd voor evolutionisten en creationisten.

Voor de evolutionisten staat het vooronderzoek op; setiholland.wordpress.com

1) Van zondag 15 april t.m. vrijdag 21 april, in het jaar 575.063.971 v.Chr, heeft de goddelijke Alpha (vgl Opb.1:8). Het eerste proto-type van haar uitvalbasis, genaamd de Hemelen en de Aarde, in zes dagen van 24 uur geassembleerd (vgl Gen.1:1 – Ex.20:11). Hiertoe behoorde het rechthoekige Hemelse Jeruzalem (Opb.21:2 + 16), dat werd samengevoegd met de rechthoekige Aarde (vgl Opb.20:8..9/hsv), die hol is (Jes.42:5 grondtekst (nbv) – Jes.44:24 grondtekst (nbv), en op (het levende) water (van Jezus) is gefundeerd (vgl Ps.136:6/hsv – Joh.4:10 – Ef.5:26). Waarmee de (rechthoekige) aarde op (geestelijke) rivieren is gevestigd (vgl Ps.24:1..2/sv). Kortom het gebouw de Aarde is op (geestelijke en/of kunstmatig intelligente) wateren bevestigd (vgl Ps.136:6/wv). Jeruzalem betekent ‘Fundament van Vrede’. Haar (kunstmatig intelligente) fundamenten (vgl Job 38:4/gnb), zijn afzinkbaar (vgl Job 38:6/nab). De ‘Aarde’ is daarbij het middelste deel van de stad, die dé twaalf (kunstmatig intelligente) fundamenten heeft. Welke uiterst belangrijke fundamenten zichtbaar zijn, en daarom met edelstenen zijn bekleed (vgl Hebr.11:10) – Opb.21:19..20 – Opb.5:13/nbv). Vervolgens werd 26.971 jaar later, begonnen met zes achtereenvolgende ontwerp-scheppingen, die elk 36.000 jaar duurden. Hierna kon men de eerste proefversie van de Bijbel voltooien. Die daarna in zeven achtereenvolgende controle-scheppingen, werd vervolmaakt (vgl Ps.12:7/hsv – 2.Tim.3:16/hsv – Opb.22:18..19).

X

2) De Bijbel kent geen oneindig lange tijd. Maar wel begrippen zoals ‘van eeuwigheid tot eeuwigheid’. De nog veel langere bijbelse tijdsaanduiding van: ‘tot in de eeuwigheden der eeuwigheden’. Wordt in vertalingen vrijwel altijd weggelaten, daar men niet begreep wat er mee werd bedoeld. Terwijl deze tijdsaanduiding, maar liefst 22 maal voortkomt in de Bijbel. En dit getal 22, de allerbelangrijkste gebeurtenis in de Bijbel symboliseert, de kruisiging (vgl Ps.22). Het getal weerspiegelt daarnaast een einde, daar het Hebreeuwse alfabet eindigt bij de 22e letter. De bijbelse ‘eeuwigheid’, heet in het Grieks ‘aion’, in het Latijns ‘eon’, en in het modern Nederlands eveneens ‘eon’. Dit woord heeft de betekenis van ‘jaar-eeuw’. De duur ervan werd tot in het Stenen Tijdperk op dezelfde wijze bepaald, als de bijbelse jaarweek van 7 jaar. Daar de oorspronkelijke jaarlengte slechts 360 dagen telde (vgl Gen.7:11 tm 8:14), krijgen we 100 jaar/eeuw x 360 dagen/jaar = 36.000 jaar/eeuw. Het ‘Grote Jaar’ bij de Babyloniërs duurde eveneens 36.000 jaar. In elke schepping of wereldperiode (van 36.000 jaar), wordt telkens alles herhaald (vgl Pred.1:9..11)*. Een gelijkaardig cyclisch systeem, was populair in het oude Griekenland en Rome. Elke ‘Groot Jaar’ of ‘Annus Magnus’ periode duurde daarbij 36.000 jaar, en strekten zich uit tot in het verre verleden. De Sumerische koningslijst verwijst in feite naar God / Jezus, die als ‘Dumuzi de Herder’ (vgl Hebr.13:20), 36.000 jaar in Badtibira zou regeren. De latere en foutieve versie van deze periode, genaamd ‘abraxas’, ging uit van een jaar van 365 dagen (vgl; van der Sijs, 1997).

*) Pred.1:9..11 (hsv): “Wat er geweest is, dat zal er weer zijn. Wat er plaatsvindt, dat zal weer plaatsvinden. Er is niets nieuws onder de zon. Is er iets waarvan men kan zeggen: Kijk eens, dat is nieuw ? In de wereldperioden die voor ons geweest zijn, is het er al geweest. Er is geen herinnering aan de vroegere dingen. Ook aan latere dingen, die nog komen, zal geen herinnering zijn bij hen die daarna komen.” (Jes.46:10 – Hand.15:17..18). Volgens de Joodse overlevering zijn er 974 of 1974 werelden vóór ons geweest. Dit moet zijn: (6 + 7 = 13) + 3 x 540 + 341 = 1974 (de onderbouwing staat elders op website: bijbelwetenschap.wordpress.com ).

X

3) Overeenkomstig de voornaamste overleveringen (vgl 1.Thes.5:21), duurt elke scheppingcyclus 36.000 jaar, en deze cyclus bestaat uit vier belangrijke tijdperken. Het eerste tijdperk telt 5 millennia zonder mensen en is van ijzeren kwaliteit. De eerste 2 millennia behoren tot de geologische periode het Archaïcum. Onderverdeeld in het 1000-jarige Hadean en het 1000-jarige Isuan, waarin voor God 1000 jaar als 1 dag was, en 1 dag als 1000 jaar was (2.Petr.3:8). In de millennia nr. 3 t.m. nr. 5 vond de zesdaagse schepping uit Gen.1:3..31 plaats, overeenkomstig de Perzische overlevering. De lengte van zo’n scheppingsdag of perioden (met kunstlicht) is daarmee 500 jaar. De volgende 6 millennia zijn van bronzen kwaliteit. Overeenkomstig de Oosterse overlevering zou na het 11e millennium, het Duizendjarige Rijk aanbreken. Dit 12e millennia is van zilveren kwaliteit is. De laatste 24 millennia zouden van gouden kwaliteit zijn. In de Bundahesn, een laat-Perzisch geschrift, noemt men de eerste 12 millennia ook wel een wereldtijdperk. Waarvan er dus bij hun een drie zijn, en dit verwijst uiteraard naar de Drieëenheid. In Gen.2:2 rustte God op de 7e dag. Overeenkomstig de overlevering duurt het daarna nog 5500 jaar, voordat de Zoon van God zich in de Woning van het Licht (vgl Job 38:19+21), laat “omringen door palen” (Grieks: stauroō). Dit Griekse woord heeft als tweede betekenis, het woord ‘kruisigen’.

7: Bijbel en “evolutie” naadloos geharmoniëerd, deel F

Pag. 7:

Bestemd voor evolutionisten en creationisten.

2) Van zondag 15 april t.m. vrijdag 21 april (Jul.) in 35.971 v.Chr, ‘assembleerde’ (Hebr.: asah) de hemelse Vader van Jezus, de Hemelen en de Aarde (vgl Ex.20:11 – Jes.65:17 grondt. – 2.Kor.12:2). Hiertoe behoorde het rechthoekige Hemelse Jeruzalem (Opb.21:2 + 16), dat werd samengevoegd met de rechthoekige Aarde (vgl Opb.20:8..9/hsv), die hol is (Jes.42:5 grondtekst (nbv) – Jes.44:24 grondtekst (nbv), en op (het levende) water (van Jezus) is gefundeerd (vgl Ps.136:6/hsv – Joh.4:10 – Ef.5:26). Waarmee de (rechthoekige) aarde op (geestelijke) rivieren is gevestigd (vgl Ps.24:1..2/sv). Kortom het gebouw de Aarde is op (geestelijke en/of kunstmatig intelligente) wateren bevestigd (vgl Ps.136:6/wv). Jeruzalem betekent ‘Fundament van Vrede’. Haar (kunstmatig intelligente) fundamenten (vgl Job 38:4/gnb), zijn afzinkbaar (vgl Job 38:6/nab). De ‘Aarde’ is daarbij het middelste deel van de stad, die dé twaalf (kunstmatig intelligente) fundamenten heeft. Welke uiterst belangrijke fundamenten zichtbaar zijn, en daarom met edelstenen zijn bekleed (vgl Hebr.11:10) – Opb.21:19..20 – Opb.5:13/nbv). Vervolgens rustte de hemelse Vader van Jezus, op de sabbatsdag van zaterdag 22 april 35.971 v.Chr. Overeenkomstig de gecombineerde overlevering van 341 Egyptische koningen, de 4 christelijke aartsengelen, die tesamen de 345 Egyptische pironen vormen. Bevinden we ons nu in de 341e scheppingsperiode, die begon in 8994 v.Chr. en eindigt in AD 27007. In de beginne ‘scheidde’ ! (Hebr.: bara), God de bouwkundige constructie Hemel, van de bouwkundige constructie Aarde (vgl RD 2.8.17 – Prof. E. J. van Wolde, hoogleraar exegese Oude Testament, oratie d.d. 9.10.09).

.

3) Overeenkomstig de Joodse overlevering, waren de eerste twee millennia (na de zondeval), zonder wet. De volgende twee millennia vielen onder de wet, die liefde benadrukt (vgl Lev.19:18 – Mat.5:43 – Mat.22:36..40 – Rom.3:31 – Rom.7:12). Waarbij de van de situatie afhankelijke verplichte liefde, niet schriftelijk kon worden vastgelegd. Millennia vijf en zes vielen voor de Joden, onder de komst van de Messias. Die net zoals elke goede rechter, zich niet blind staart op de letter van de wet, maar die de geest van de wet benadrukt (vgl Mat.12:11 – Mat.22:34..40 – Rom.3:31). God is liefde (1.Joh.4:8), en er zijn zeven Geesten Gods (Opb.5:6). Het bijbelse cijfer van de ‘volmaakte liefde’ is zodoende het getal 7. Het bijbelse getal van de wet is 10. Het product van het getal 7 en 10, is het getal 70 (vgl 2.Kron.36:21 – Num.11:16 – Dan.9:24 – Luc.10:1). Dit is het bijbelse getal van de op ‘Liefde gebaseerde Wet’ (vgl Lev.19:18 – Mat.5:43 – Rom.7:12). Die ook de ‘Liefdevolle Wet’ mag worden genoemd (vgl Mat.22:36..40 – Rom.3:31). Overeenkomstig kerkvader Eusebius, is Abraham geboren in 2016 v.Chr. De ‘Liefdevolle Wet’ werd voor eerst in 1994 v.Chr, mondeling door gegeven aan Abraham (vgl Gen.14:20). Die door zijn toenmalige leeftijd van 22, het bijbelse getal van de kruisiging benadrukte, zijnde het getal 22 (vgl Ps.22). Daar deze kruisiging nog noodzakelijk was, om de toen nog theoretische wetgeving. Om te zetten in een praktisch uitvoerbare wetgeving. Vanaf 1994 v.Chr. werd het getal 70 van de ‘Liefdevolle Wet’, daarom in astronomische zin benadrukt. Dit door de eerder genoemde jaarlengte van 360 dagen, met 1/70 deel te laten toenemen. Zodat dit afgerond op 365 dagen uitkwam. De maandlengte van 30 dagen (vgl Gen.7:11 t.m. Gen.8:14), heeft God eveneens met 1/70 deel verandert, maar nu door de maandlengte daarmee te verkorten, tot 29,53 dagen.

.

4) Volgens de Joden staan er in de Tenach 248 niet-strafrechterlijke geboden, en 365 strafrechterlijke verboden. Het aantal strafrechterlijke verboden, wordt daarom sinds 1994 v.Chr. uitgebeeldt in de huidige jaarlengte van 365 dagen. Om het aantal dagen per jaar in astronomische zin te veranderen. Maakte God gebruik van de aantrekkingskracht van Planeet 10*. De eerste 2000 jaar met 360 dagen/jaar (vgl Gen.7:11 t.m. Gen.8:14). Hebben de Joden in de Bijbel omgerekend naar 1971 jaren, met 365,3 dagen/jaar. Waardoor er ogenschijnlijk 29 jaar zijn verdwenen, uit de bijbelse chronologie. De zondeval vond daarom 29 zonne-jaren eerder plaats, in 3994 v.Chr. Controle: Tien astronomische jaren tellen 3652,42 dagen, of afgerond 3652 dagen. Daarom zouden er 3652 jaren zitten tussen de zondeval, en de laatste farao met Egyptisch bloed, Nectanebo II. Die tussen 1 tishri 343 v.Chr. en 29 elul 342 v.Chr. werd opgevolgd, door de Perzische heerser Artaxerxes III. Wiens eerste officiëel getelde regeringsjaar, daarmee het jaar 342/341 v.Chr. werd. Het jaar van de zondeval, wordt aldus bevestigd op; 342 + 3652 = 3994 v.Chr. De Joodse geleerden weten dat hun kalender 215 tot 243 jaren mist, en sommige weten ook waarom. Het werkelijke aantal gemiste jaren bedraagt 234 jaar. Niet geheel toevallig zien we dit getal ook terug, in de kalendercorrectie van het jaar 234 v.Chr. Toen vond de Canopus wijziging plaats, onder druk van de Griekse farao van Egypte. De Joden gebruiken de huidige kalender nog niet echt lang, deze werd pas populair sinds 1517. Het jaar waarmee de messiaanse jubeljaar profetie van rabbi Judah ben Samuel (toevallig?) begon. Welke profetie aantoonbaar al voor 2/3 deel is uitgekomen. Vanaf 312 v.Chr. hebben de Joden veelal de Seleucidische kalender gebruikt.

*) Het bestaan van de meest dichtbijzijnde Planeet 9, is door astronomen vrijwel bewezen. Daarnaast bestaat er nog een Planeet 11, die zeven dagen voor de zondvloed bij de aarde langs kwam (vgl Gen.7:10). Dit vond plaats aan het begin van de Mioceense Transgressie. De zee breidde zich daarbij uit over het land, door daling van de aardkorst, onder andere waar zich de Ark van Noach bevond. Alle drie de Trans-Neptuntiaanse planeten, weerkaatsen vrijwel geen licht. Overeenkomstig de Soemerische overlevering, hebben ze een omlooptijd van 3600 jaar (vgl 1.Thes.5:21). Waarmee ze in een scheppingscyclus van 36.000 jaar (vgl Pred.1:9..11), exact 10 maal rondom de zon gaan.

.

5) De zondvloed begon met veertig dagen plasregens (vgl Gen.7:12/sv), tijdens de Messiniaanse zoutcrisis. Waarbij de Middellandse Zee veertien maal geheel verdampt is, en daartoe veertien maal achtereen werd afgesloten van de Atlantische oceaan. In ‘Vena del Gesso’ ziet men heel duidelijk veertien cyclische afzettingen. Het getal 14 weerspiegelt daarbij de gematria van het woord David, hetgeen ‘Geliefde’ betekent, en het wijst voor de Joden naar de Messias. De Mess(ini)aanse zoutcrisis symboliseert de Messiaanse zoutcrisis. Daar er op de toenmalige wereld nog geen Messiaans persoon was, die als het zoutend zout kon optreden (vgl Mat.5:13), zodat deze wereld vernietigd werd. In 2314 v.Chr. werd daarbij 1.000.000 km3 zout afgezet, hetgeen 5% van al het zeezout in de oceanen is, in lagen met een dikte tot 3500 mtr. Het zout dat werd gevonden, was vaak ontstaan in heet water. Er vond daarnaast een versnelde erosie plaats, zoals in de Alpen. Getuige de zeer diep uitgesleten rivierbeddingen, van rivieren zoals de Rhône en de Nijl. Van respectievelijk 200 mtr. tot 2.500 mtr. onder het huidige zeeniveau. In de zoutpakketten werden vissen aangetroffen, die afkomstig waren uit het koude noordelijke deel van de Atlantische Oceaan. Op de grens van aardmantel en -kern worden ‘koude’ basaltplaten ontdekt. Basalt maakt deel uit van de aardkorst, de oceaanbodem is er uit samengesteld. Kennelijk zijn grote stukken hiervan zo’n 6 ± 2 millennia geleden eruit geslagen en afgezonken.

.

6) Het navolgende is afkomstig uit de seculiere geologie: “Geoloog Kenneth Hsü geeft toe, dat dit een buitengewone, catastrofale, niet-normale gebeurtenis moet zijn geweest. Want tegenwoordig is het ondenkbaar, dat een 2 tot 4 kilometer diep zeebekken compleet opdroogt. Vanwege dit buitengewoon bijzondere van de extreme zoutvorming aan het eind van het Mioceen, duidt Hsü dit fenomeen aan als de ‘Messinian Salinity Crisis’. De fundamentele vraag is natuurlijk, of je zo’n catastrofe, die compleet buiten onze huidige ervaringshorizont valt, kunt verklaren met normale processen. Zo wordt in een recente studie betoogd, dat de zoutafzettingen niet in een laag-water milieu zijn gevormd, maar in een diep-water milieu. Dat sluit verdamping uit. Verder is uitgerekend, dat de complete verdamping van de hele Middellandse Zee slechts leidt tot een 20 meter dikke zoutlaag. Wat betekent, dat de Middellandse Zee 50 keer achter elkaar moet zijn verdampt. Na elke verdampingsronde zouden de bekkens weer zijn vol gelopen. Via deze jo-jo opeenvolging (verdamping, vollopen enz.) moet het complete zoutpakket van gemiddeld 1000 meter zich hebben opgehoopt. Het verstand weigert dit scenario te accepteren. Vandaar de conclusie, dat de geweldig zoutophopingen op de bodem van de diepzeebekkens, nooit het gevolg van gewone verdamping van zeewater kan zijn geweest. Tenslotte pleit ook de samenstelling van deze afzettingen tegen het verdampingsscenario. Want de bekkensedimenten bestaan voor 90 % uit anhydriet en gips, en slechts voor 10% uit steenzout.

Terwijl in gewoon zeewater de verhouding tussen deze scheikundige stoffen juist omgekeerd is. Zowel de enorme dikte van de zoutafzettingen, hun samenstelling en hun typering als diep-water afzettingen. Weerleggen de hypothese, dat verdamping verantwoordelijk is voor deze gigantische hoeveelheid chemische afzettingen, op de bodem van de Middellandse Zee. Een normale verklaring slaat hier de plank dus volledig mis. De Miocene zoutafzettingen in de Middellandse Zee, zijn de neerslag van zeer ongewone, geologische ontwikkelingen. De conlusie luidt, dat de vorming van de geweldige Miocene gips en zoutafzettingen, niet plausibel vanuit normale processen kan worden verklaard. Deze gigantische massa chemische sedimenten is het uiteindelijke resultaat, van het openrijten van de aarde als gevolg van een puls, van ‘high speed’ platentektoniek. Deze conclusie is van grote betekenis. Niet alleen, omdat de massale zoutvorming in de Middellandse Zee, als een bijeffect kan worden gezien. Van de catastrofale platentektoniek en gebergtevorming in het Tertiair, in deze regio. Maar ook omdat nu aannemelijk is gemaakt, dat de enorme zoutophopingen, die elders in de geologische kolom, b.v. in het Permische Zechstein, voorkomen. Het product zijn van soortgelijke impact aangedreven ‘high speed’ plaatbewegingen. Steeds gaat het om zouten die via hydrothermische processen uit de opengereten aarde. Rechtstreeks vanuit de asthenosfeer en uit de nieuw gevormde oceaanbodems zijn vrij gekomen, en in bekkens zijn neergeslagen.” http://alpengeologie.nl/

.

7) De nieuwe aarde’s werden gecreëerd, op basis van pseudo-evolutie*. Waarbij de totale scheppingsperiode, 3000 jaar duurde overeenkomstig de Perzische overlevering (vgl 1:Thes.5:21 – 1.Kon.4:29/hsv! – 1.Kon.10:24 – 1.Kon.11:41), aangaande de eerste (God)-mens, genaamd ‘Gayomart’. Waarvan gayo, ‘eeuwig leven’, en maretan, ‘sterfelijk bestaan’ betekent. Dit betekent zoiets als ‘Stervend Leven’. En het wijst naar het mensgelijkvormige aspekt van God (de Vader), die vanaf de zondeval nog vier dagen van 24 uur, bij bewustzijn zou zijn in een biologisch lichaam (zie de toelichting bij de volgende paragraaf). Daarna zou Hij gedurende de 432.000 jaar durende ‘Dag van Brahma’, slechts 24 uur bij bewustzijn doormaken, in een anorganisch Morgenster-lichaam (vgl Job 38:4+7). Elf maal als een gewone Morgenster (vgl Gen.37:9), en éénmaal als de gevallen morgenster (vgl Jes.45:7/sv – Jud.9 – Jes.54:16 – Rom.11:33..34 – Job 2:6..7/nbv – Klaagl.3:38 – Amos 3:6 – 1.Kor.13:12 – 1.Kor.2:16 – Job 15:8 – Jer.23:18). In zijn laatste morgenster leven, is hij 60 minuten wakker tussen 30 n.Chr. en AD 2017, in de 352e schepping (vgl 1.Joh.2:18). En 60 minuten tussen 1994 v.Chr. en 30 n.Chr, in de 353e schepping (vgl Opb.12:12).

*) Door geleidelijke veranderingen van aardlagen ontstaan er nauwelijks fossielen. Juist omdat God vaak elke 25 jaar, catastrofale veranderingen aan het aardoppervlak deed plaatsvinden, ontstonden er fossielen (vgl Jes.45:7/sv – Jes.54:16 – Rom.11:33..34 – Job 2:6..7/nbv – Klaagl.3:38 – Amos 3:6 – 1.Kor.13:12 – 1.Kor.2:16 – Job 15:8 – Jer.23:18). Het zogenaamde ‘omphalos-argument’, dat God de aarde schiep met nep-fossielen, is daarmee niet van toepassing. Daar alleen de schepping van de mens zeer goed was (Gen.1:31), en de schepping van de dieren slechts goed (Gen.1:20..25). Bevond de scheppingwijze van de dieren, zich niet op het goddelijke en volmaakte niveau. God gebruikte echte door evolutie gevormde genen, die Hij lichte defecten liet behouden. Waarna Hij deze zo volkomen anti-evoluerend maakte. Dat wiskundig gezien evolutie nu behoort, tot de aller grootste wetenschappelijke onmogelijkheid op aarde, die er bestaat. De zogenaamde evolutionaire ouderdommen van miljoenen jaren. Zijn ontstaan doordat de Machten der Duisternis (vgl Ef.6:12), de meetresultaten hebben mogen vervalsen.